Home

Nieuws

Wet excessief lenen doorstaat eerste toets

Wet excessief lenen doorstaat eerste toets

Een dga leent ruim zeven ton van zijn eigen bv. Het bedrag boven de wettelijke drempel van € 700.000 wordt belast als fictief regulier voordeel. De dga vindt dit in strijd met het Europese eigendomsrecht en het discriminatieverbod. Waarom telt een zakelijke lening even zwaar als een onzakelijke lening? Rechtbank Den Haag verwerpt alle bezwaren. De wetgever mocht kiezen voor een eenvoudige regeling die alle leningen gelijk behandelt.

Schuld groeit snel

De dga houdt alle aandelen in een bv. Zijn rekening-courantschuld aan de vennootschap groeit van ruim € 5.000 in 2017 naar bijna € 600.000 eind 2022. In 2023 loopt de schuld verder op tot € 786.278. Per 1 januari 2023 is de Wet excessief lenen in werking getreden. Die wet bepaalt dat schulden aan de eigen bv boven de drempel van € 700.000 worden belast als fictief regulier voordeel in box 2. Het bovenmatige deel bedraagt € 86.278. Na verdeling met zijn fiscale partner wordt € 75.127 bij de dga belast tegen het aanmerkelijkbelangtarief.

Beroep op grondrechten

De dga stelt dat de heffing in strijd is met het Europese eigendomsrecht. Hij voert aan dat de wetgever ten onrechte geen onderscheid maakt tussen zakelijke en onzakelijke leningen. Een lening met zakelijke voorwaarden en zekerheden zou anders behandeld moeten worden dan een informele schuld zonder aflossingsschema. Daarnaast vindt de dga de heffing disproportioneel, omdat deze een radicale wijziging vormt die zonder overgangsrecht is ingevoerd. Tot slot beroept hij zich op het discriminatieverbod en stelt hij dat de heffing het draagkrachtbeginsel schendt.

Beschikking over gelden is doorslaggevend

De rechtbank verwerpt alle stellingen. De heffing heeft een wettelijke basis, dient een legitiem doel en respecteert de vereiste balans tussen individueel en algemeen belang. Het doel van de wet is om uitstel en afstel van belastingheffing door dga's tegen te gaan. Daarbij is doorslaggevend dat de dga op enig moment de beschikking heeft gehad over het geleende bedrag. Of de lening zakelijk of onzakelijk is, doet er niet toe. De wetgever heeft bewust gekozen voor een eenvoudige regeling waarin alle leningen, behalve de eigenwoningschuld, gelijk worden behandeld. Die keuze is niet onredelijk.

Vijf jaar anticipatietijd

De rechtbank oordeelt verder dat de heffing niet disproportioneel is. De wetgever heeft de maatregel al in september 2018 aangekondigd, zodat dga's ruim vijf jaar de tijd hadden om hun schuldpositie af te bouwen. Bovendien kan een dga die later aflost het eerder belaste bedrag verrekenen als een negatief regulier voordeel en is de drempel € 200.000 hoger vastgesteld dan oorspronkelijk beoogd. Bij deze dga speelt terugwerkende kracht bovendien niet. Zijn schuld steeg pas in 2023 boven de drempel. Het beroep is ongegrond.

Bron:Rechtbank Den Haag| jurisprudentie| ECLI:NL:RBDHA:2026:18507| 01-07-2026
GroepXtra
Cookies, of vergelijkbare technieken, die wij gebruiken

Groep Xtra gebruikt functionele, analytische en tracking cookies mede door middel van Google Analytics. Een cookie is een klein tekstbestand dat bij het eerste bezoek aan deze website wordt opgeslagen in de browser van het gebruikte apparaat.

Groep Xtra gebruikt cookies met een puur technische functionaliteit. Deze zorgen ervoor dat de website naar behoren werkt en deze te kunnen optimaliseren. Daarnaast plaatsen we cookies die het surfgedrag van bezoekers bijhouden zodat we op maat gemaakte content kunnen aanbieden.

Bij het eerste bezoek aan onze website informeren wij bezoekers over deze cookies en vragen wij gebruikers om toestemming voor het plaatsen ervan.

Bezoekers kunnen zich te allen tijde afmelden voor cookies via de instellingen button links onderaan de pagina.